Tom is twaalf jaar oud. Hij gaat elke dag naar school. Tom houdt van school, maar hij houdt niet van wiskunde. Wiskunde is erg moeilijk voor hem. Morgen is er een grote wiskundetoets. Tom maakt zich veel zorgen over de toets. Hij komt thuis van school en gaat aan zijn bureau zitten. Hij opent zijn wiskundeboek. Er zijn veel getallen en sommen. Tom leest het eerste probleem. Hij begrijpt het niet. Zijn moeder komt zijn kamer binnen. 'Heb je hulp nodig?' vraagt ze. 'Ja, graag,' zegt Tom. Zijn moeder gaat naast hem zitten. Ze legt het probleem langzaam uit. Tom luistert aandachtig. Nu begrijpt hij het! Ze oefenen samen meer sommen. Na twee uur voelt Tom zich beter. Hij eet met zijn familie. Dan gaat hij vroeg naar bed. De volgende ochtend wordt Tom wakker. Hij eet ontbijt en gaat naar school. De leraar geeft iedereen de toets. Tom leest de vragen. Hij weet de antwoorden! Tom schrijft zorgvuldig en maakt de toets af. Hij glimlacht omdat hij zijn best heeft gedaan. Hard studeren was het juiste om te doen.

Dutch Story (A1)De Wiskundetoets
Dit A1 Nederlands verhaal is ontworpen voor beginner die Nederlands leren. Het bevat eenvoudige woordenschat en korte zinnen om je lees- en luistervaardigheden te verbeteren. Klik op elk woord om vertalingen te zien en de uitspraak te horen.
About this story
Tom maakt zich zorgen over zijn wiskundetoets. Zijn moeder helpt hem thuis studeren. De volgende dag maakt Tom de toets en weet de antwoorden omdat hij hard gestudeerd heeft.
Translations in English
Linked wordUnderlined wordOther words
Comprehension Questions
3 questions
1
Waarom maakt Tom zich zorgen?
2
Wie helpt Tom met wiskunde?
3
Hoe voelt Tom zich na de toets?
Vocabulary
20 words from this story


