Tom loopt een koffiebar binnen. De koffiebar is warm en gezellig. Hij ruikt verse koffie in de lucht. Tom loopt naar de toonbank. Een vriendelijke barista lacht naar hem. 'Goedemorgen! Wat mag het zijn?' vraagt ze. 'Goedemorgen. Mag ik een koffie, alstublieft?' zegt Tom. 'Natuurlijk! Welke maat wilt u?' vraagt de barista. 'Een medium, alstublieft,' antwoordt Tom. 'Wilt u melk in uw koffie?' vraagt ze. 'Ja, graag. Maar een beetje,' zegt Tom. 'En suiker?' vraagt ze. 'Geen suiker, dank u,' zegt Tom. 'Wilt u er iets bij eten?' vraagt de barista. Tom kijkt naar het gebak achter het glas. Hij ziet croissants, muffins en koekjes. 'De croissant ziet er lekker uit,' denkt Tom. 'Ik neem een croissant, alstublieft,' zegt Tom. 'Goede keuze! Is dat alles?' vraagt ze. 'Ja, dat is alles,' zegt Tom. 'Dat is vier euro vijftig,' zegt ze. Tom betaalt met een biljet van vijf euro. 'Hier is uw wisselgeld,' zegt de barista. 'Dank u,' zegt Tom. De barista maakt zijn koffie. Tom wacht en kijkt rond in de winkel. Sommige mensen lezen kranten. Anderen praten met vrienden. 'Hier is uw koffie en croissant,' zegt de barista. 'Dank u wel,' zegt Tom met een glimlach. Tom vindt een tafel bij het raam. Hij gaat zitten en neemt een slok koffie. 'Deze koffie is echt goed,' denkt Tom. De croissant is warm en boterachtig. Tom geniet van zijn ontbijt.

Dutch Story (A1)Koffie bestellen
Dit A1 Nederlands verhaal is ontworpen voor beginner die Nederlands leren. Het bevat eenvoudige woordenschat en korte zinnen om je lees- en luistervaardigheden te verbeteren. Klik op elk woord om vertalingen te zien en de uitspraak te horen.
About this story
Tom bezoekt een koffiebar en bestelt een medium koffie met een beetje melk en geen suiker. De vriendelijke barista helpt hem en hij koopt ook een croissant. Tom betaalt en vindt een tafel bij het raam. Hij geniet van zijn warme koffie en boterachtige croissant als ontbijt.
Translations in English
Linked wordUnderlined wordOther words
Comprehension Questions
3 questions
1
Wat bestelt Tom om te eten?
2
Hoeveel betaalt Tom voor zijn bestelling?
3
Waar gaat Tom zitten om van zijn ontbijt te genieten?
Vocabulary
20 words from this story


