Het is vrijdagavond. Anna is thuis. Ze heeft honger. Ze wil vandaag niet koken. Ze wil eten bestellen. Anna opent een app op haar telefoon. De app toont veel restaurants. Er is Italiaans eten, Chinees eten en pizza. Anna houdt van pizza. Ze kiest een pizzarestaurant. Het menu heeft veel opties. Anna ziet Margherita-pizza, pepperoni-pizza en groentepizza. Ze kiest de Margherita-pizza. Hij heeft tomaat, kaas en basilicum. De pizza kost tien euro. Anna wil ook een drankje. Ze voegt een cola toe aan haar bestelling. Het totaal is twaalf euro. Anna voert haar adres in. Ze betaalt met haar creditcard. De bestelling is compleet. De app zegt dat het eten over dertig minuten arriveert. Anna wacht in de woonkamer. Ze kijkt televisie. Na vijfentwintig minuten gaat de deurbel. Anna opent de deur. Een bezorger staat daar met een tas. 'Hallo! Hier is uw pizza,' zegt hij. 'Heel erg bedankt!' antwoordt Anna. Ze pakt de tas en sluit de deur. Anna gaat naar de keuken. Ze legt de pizza op een bord. De pizza ruikt heerlijk. Anna gaat aan tafel zitten. Ze eet de pizza langzaam. Hij is erg lekker. Anna is blij met haar eten. Ze eet de hele pizza op. Na het eten drinkt Anna haar cola. Ze opent de app opnieuw. Ze geeft het restaurant vijf sterren. 'Geweldige pizza!' schrijft ze in haar recensie. Anna wil opnieuw bij dit restaurant bestellen. Eten bezorgen is makkelijk en snel. Anna heeft een fijne avond thuis.

Dutch Story (A1)Eten bestellen
Dit A1 Nederlands verhaal is ontworpen voor beginner die Nederlands leren. Het bevat eenvoudige woordenschat en korte zinnen om je lees- en luistervaardigheden te verbeteren. Klik op elk woord om vertalingen te zien en de uitspraak te horen.
About this story
Anna heeft honger op een vrijdagavond en besluit eten te bestellen in plaats van te koken. Ze gebruikt een app om een Margherita-pizza en een cola te bestellen bij een restaurant. De bezorging komt snel, en Anna geniet van haar heerlijke maaltijd thuis.
Translations in English
Linked wordUnderlined wordOther words
Comprehension Questions
3 questions
1
Welk type pizza bestelde Anna?
2
Hoeveel betaalde Anna in totaal?
3
Hoeveel sterren gaf Anna het restaurant?
Vocabulary
20 words from this story


